w a n d a s c h a a p b e e l d e n d k u n s t e n a a r

HOME
  CV
  TENTOONSTELLINGEN EN PROJECTEN
  WERK
  RECENSIES
  CONTACT
   

 

 

 
  4 tage
  krant
 

 

 

 

Op twee plaatsen in de Singel – vlak voor het station en ter hoogte van het verzetsmonument- zijn twee blauw geschilderde zinnen van polyurethaan (piepschuim) te water gelaten. De teksten luiden: KUNSTENLAB NOG VIJF MINUTEN, en KUNSTENLAB NOG TWEE MINUTEN. De boodschap is duidelijk. Het Kunstenlab is dichtbij, wie nieuwsgierig geworden is, moet vooral gaan kijken. Het Kunstenlab als cultureel verzamelgebouw bestond in september 2005 vijf jaar. Het CBK Deventer besloot vanaf dat moment ook onder de naam Kunstenlab verder te gaan en een nieuwe huisstijl te presenteren. Onder het motto 'Oversteken naar een andere wereld' verstrekt het Kunstenlab in twee jaar tijd zes maal een opdracht aan een beeldend kunstenaar of ontwerper om een tijdelijke alternatieve bewegwijzering in de (binnen-)stad van Deventer te realiseren het realiseren van tijdelijke alternatieve bewegwijzeringen die artistieke kwaliteit hebben en een hoge attentiewaarde; het publiek er op attenderen dat het Kunstenlab bestaat en dat men er vooral naar toe moet; beeldende kunstenaars en ontwerpers stimuleren hun artistieke kwaliteiten aan te wenden buiten de grenzen van hun reguliere (vrije) werk.
De alternatieve bewegwijzering wordt ontworpen en uitgevoerd door professionele beeldende kunstenaars en ontwerpers uit de brede regio. Het Kunstenlab benadert hiervoor gericht een aantal kunstenaars en ontwerpers om hen uit te nodigen ideeën in te dienen.
Doel:
Met deze kunstopdrachten beogen we het volgende:het realiseren van tijdelijke alternatieve bewegwijzeringen die artistieke kwaliteit hebben en een hoge attentiewaarde; het publiek er op attenderen dat het Kunstenlab bestaat en dat men er vooral naar toe moet;
Beeldende kunstenaars en ontwerpers stimuleren hun artistieke kwaliteiten aan te wenden buiten de grenzen van hun reguliere (vrije) werk.
De alternatieve bewegwijzering wordt ontworpen en uitgevoerd door professionele beeldende kunstenaars en ontwerpers uit de brede regio.
Het Kunstenlab benadert hiervoor gericht een aantal kunstenaars en ontwerpers om hen uit te nodigen ideeën in te dienen.
Het Kunstenlab beoordeelt de voorstellen op basis van de volgende criteria: artistieke kwaliteit; attentiewaarde; functionaliteit; de hieronder omschreven randvoorwaarden;
De alternatieve bewegwijzering: is zichtbaar voor het publiek en heeft 'impact' is nadrukkelijk tijdelijk van aard;
Is praktisch/organisatorisch uitvoerbaar; blijft binnen reguliere juridische grenzen en is dus ook op geen enkele wijze hinderlijk of gevaarlijk voor passanten en/of het verkeer; is na afloop van het project verwijderbaar en zorgt dus ook dan niet voor overlast in juridische zin; kan verder van elk denkbare discipline en aard zijn, op elk denkbare plek in de stad en op elk denkbaar moment uitgevoerd/gerealiseerd. Dit alles vanzelfsprekend in overleg met, en na goedkeuring van de opdrachtgever.

Tekst Kunstenlab.

   
 
   
 

Recensie Wim van der Beek, bestemd voor de kunstredacties van Wegener dagbladen en Boom Pers

‘Installing 28’ in Kolderveens fabriekspand stemt tot nadenken

Enkele jaren geleden reisde de tentoonstelling ‘Koe in de kunst’ door Nederland. Aan de hand van schilderijen, grafiek en beeldhouwkunst werd een zo gevarieerd mogelijk beeld gegeven van de koe. Het eindresultaat stond bol van voorspelbare beelden, clichés en open deuren. Dat het ook anders kan, bewijzen Wanda Schaap en Dirk Gillissen met het kunstproject ‘M.E.Z. Installing 28’ in de voormalige melkfabriek ‘De Venen’ in Kolderveen. In de meerledige installatie die Gillissen en Schaap opbouwden in de hal van het oude fabriekspand wordt de koe opgevoerd als metafoor. Het dier is niet alleen dier, maar ook melk- en vleesproducent. Beide kunstenaars behandelen verschillende facetten van het functioneren van de koe in een cyclische opzet die begint bij de geboorte van een kalfje en eindigt in het slachthuis. Wrange apotheose (en tevens dagelijkse realiteit) is de barbecue waarop stukken rundvlees sudderen. Het verschil met de tentoonstelling ‘Koe in de kunst’ schuilt in de uitwerking van het thema. Gillissen en Schaap plaatsen een ontluisterende en schokkende realiteit naast en tegenover romantische beelden van grazende koeien in een weiland en aandoenlijke beeldfragmenten van pasgeboren kalfjes. Blikvangers in de hal zijn foto’s die uiteenlopende facetten van ‘het koe-zijn’ laten zien, een kunstgrasveld met een beeldscherm waarop continu beelden van een grazende koe getoond worden, een terrein met sokkels waarop beeldfragmenten van natte snuiten zijn aangebracht, een barbecue met bloedrood vlees aan een spies en een hok waarin op drie beeldschermen slachttaferelen te zien zijn. Schaap en Gillissen gaan in hun gezamenlijk gerealiseerde installatie verder dan de obligate benadering van het thema koe. Niet alleen de oppervlakkige werkelijkheid (‘een koe in de wei’) wordt op artistiek verantwoorde wijze geopenbaard, ook het economische belang (‘de koe als bedrijf’), ethische kwesties (‘de zin en onzin van het vegetariër zijn’) en de invloed die koeien door de eeuwen heen hebben gehad op de inrichting van het Nederlandse cultuurlandschap worden in de beeldvorming betrokken. Wie verder kijkt dan de gebruikelijke plaatjes, zal ontdekken dat de ruimtelijke ordening van ons land mede bepaald is door de koe. Het boerenlandschap bestaat nog steeds en ondanks de voortschrijdende automatisering van het boerenbedrijf zijn er nog steeds prachtige plaatjes te zien van koeien in sappig groene weilanden. Deze ambivalentie en allerlei andere fricties die de beeldvorming breder trekken dan obligate koeschilderijen doorgaans doen, worden in ‘M.E.Z. Installing 28’ zichtbaar gemaakt. De installatie in De Venen fungeert als eyeopener en onderstreept de maatschappelijke functie die kunst kan hebben. De geëngageerde aanpak van Schaap en Gillissen stemt tot nadenken en benadrukt dat kunst in haar meest relevante verschijningsvorm allesbehalve vrijblijvend is. Evenals andere kunstenaars eerder dit jaar tijdens de Manifesta in Frankfurt en de Documenta in Kassel deden, tonen ook Schaap en Gillissen aan dat beeldende kunst in staat is om vastgeroeste vooroordelen en geconditioneerd kijkgedrag los te wrikken. Daaraan ontleent ze haar waarde, betekenis en functie. De beelden in de Kolderveense melkfabriek wringen en schuren soms behoorlijk. En dat is maar goed ook, want dat houdt in dat ze niemand onberoerd laten.

Wim van der Beek

 

 

 

 

G R I M M I G E   T A F E R E L E N   I N   E N   R O N D   Z W O L S   S T A D H U I S

 Sprookjesfiguren in opstand

 ZWOLLE - Het is twee eeuwen geleden dat de gebroeders Grimm hun sprookjes uitgaven en daarom is Zwolle Grimmstad.

door Marion Groenewoud

De Nederlandse vertaling dateert echter pas van 1820, dus we zijn er vroeg bij met herdenken. Tot op heden kregen de Zwollenaren slechts flarden van sprookjes te zien. Dankzij verhalenverteller Stan Fritschy en een enkele voorstelling bij de Verhalenboot maar nu het einde van het jaar nadert, lijkt er schot te komen in Zwolle als Grimmstad. Het IJssculpturen Festival zal 7 december in sprookjessfeer openen en volgende week pakt Stichting SUUS uit met de Gruwelen van Grimm. Het zijn geen zoete verhaaltjes voor het slapengaan. Nee, SUUS heeft het goed begrepen, die gebroeders Grimm hadden niet veel op met de tere kinderziel. De Duitse taalwetenschappers stuurden oudere dames de boer op, om te zoeken naar oude volksverhalen met goed en kwaad op het scherp van de snede. Het is bekend dat de sprookjes van Grimm flink gekuist werden anders had geen kind ooit meer een oog dichtgedaan.


Janpieter Boudens en Frans Leenderts van SUUS spelen de rollen van Jacob en Wilhelm Grimm. Zij laten hun ergste sprookjesfiguren los in de Sassenstraat en de kelders van het stadhuis. De bezoekers moeten door donkere steegjes, een dicht bos en een doolhof met akelige stalen punten om de wereld van Grimm te betreden. "In het stadhuis wacht duivelse muziek, een macabere dans en de voorstelling waarin sprookjesfiguren in opstand komen. Zij wreken de broers Grimm omdat ze het niet eens zijn met hun rol."

 Actrice Ina Hekkert kreeg een bewerking van 200 sprookjes in haar schoot geworpen en maakte er een grimmige locatievoorstelling van. Zelf speelt ze de rol van Boze Stiefmoeder. "Waarschijnlijk ging het toen om echte moeders die hun kinderen opaten maar daar maakte men later stiefmoeders van. Dan was het minder erg." Alle sprookjesfiguren gooide zij op één hoop en zocht de uitersten. "De ergste gruwelen in onze productie zijn de ophanging van de gebroeders Grimm en het afhakken van kinderhandjes. Verder valt het reuze mee", belooft Hekkert die zich omkleedt voor de repetitie. Samen met de Boze Koningin en De Heks, die gretig barbiepoppen ontleedt, staan ze garant voor een flinke portie valsheid. Producent en acteur Boudens verzamelde dertig mensen voor deze productie. "Ik denk dat dit de laatste SUUS-voorstelling wordt", verzucht hij met een grijns die het tegendeel verraadt. Graag had hij de ondernemers in de Sassenstraat bij het spektakel betrokken maar dat is nauwelijks gelukt. "De meeste winkeliers wonen niet bij hun zaak en wilden niet acht keer terugkomen 's avonds en het weekend. We hebben nog geprobeerd of we sleutels konden krijgen maar helaas."

Gitarist Erik Raayman komt binnen met een doos appels. "Giftig? Welnee." En de gladde prins vertrouwt ons toe dat hij erg geil is. "Ik ben een foute man en heb helemaal geen wit paard. Ik doe het niet alleen met de prinses maar grijp mijn schoonmoeder erbij."

Gepubliceerd op 17 november 2012 in De Stentor